In mediation ligt het probleem zelden bij één persoon
Wanneer mensen in conflict raken, is de neiging groot om het probleem bij de ander te leggen. Hij luistert niet. Zij is te star. Ook in mediation brengen partijen hun verhaal vaak vanuit dit perspectief: als de ander verandert, kan het conflict worden opgelost. Juist daar ligt een belangrijke opgave voor de mediator: het gesprek verplaatsen van personen naar patronen.
Conflicten ontstaan zelden in isolatie. Ze ontwikkelen zich in de wisselwerking tussen mensen, in wat er steeds opnieuw gebeurt in reactie op elkaar. Mediation richt zich daarom niet op wie er ‘gelijk’ heeft, maar op wat er tussen partijen is vastgelopen.
Van individuele verklaringen naar relationele waarneming
Veel taal die in conflictsituaties wordt gebruikt, gaat over de binnenwereld: intenties, emoties, karaktereigenschappen. Hoewel die betekenisvol zijn, kunnen ze het conflict ook verharden. Zodra gedrag wordt verklaard als ‘zo is hij nu eenmaal’, verdwijnen nuance en bewegingsruimte.
In mediation helpt het om een andere taal te introduceren: taal die beschrijft in plaats van beschuldigt. Niet jij bent dominant, maar in jullie contact neemt de één vaker de ruimte dan de ander. Die kleine verschuiving opent een groter gesprek: wat gebeurt hier tussen jullie, en wat roept dat over en weer op?
Door gedrag relationeel te duiden, ontstaat ruimte voor gezamenlijke reflectie. Het conflict wordt niet langer iets wat ín iemand zit, maar iets wat zich afspeelt in de ontmoeting.
Patronen zichtbaar maken
Een belangrijke vaardigheid van de mediator is het herkennen van terugkerende interactiepatronen. Denk aan partijen die elkaar voortdurend proberen te overtuigen, of aan een dynamiek waarin de één het conflict wil verdiepen terwijl de ander juist wil sussen. Zolang dit patroon onzichtbaar blijft, ervaren partijen vooral onbegrip en frustratie.
Wanneer het patroon benoemd wordt, verschuift het perspectief. Partijen ontdekken dat hun eigen gedrag onderdeel is van een circulair proces. Wat de één doet, lokt iets uit bij de ander, wat vervolgens weer een reactie oproept. Dat inzicht is vaak een kantelpunt: niet omdat het conflict direct opgelost is, maar omdat er weer keuzevrijheid ontstaat.
De kracht van de tussenruimte
Mediation speelt zich af in de tussenruimte. Dat is de plek waar emoties, belangen en verhalen elkaar raken. Hier ligt niet de waarheid van de één of de ander, maar de dynamiek die hen bindt en belemmert.
In deze ruimte wordt ook duidelijk hoe emoties functioneren. Boosheid, verdriet of teleurstelling zijn geen obstakels voor het proces, maar betekenisvolle signalen. Ze wijzen op wat belangrijk is voor iemand in relatie tot de ander. Door emoties te benaderen als relationele boodschappen in plaats van persoonlijke problemen, ontstaat verdieping zonder escalatie.
Verbinding voorbij polarisatie
In veel conflicten zijn er momenten van nuance: uitspraken die verzachten, twijfels die worden uitgesproken, pogingen om de ander te begrijpen. Deze momenten zijn kwetsbaar en verdwijnen gemakkelijk onder luidere standpunten. De mediator kan hier een cruciale rol spelen door deze verbindende bewegingen te herkennen en te versterken.
Juist daarin toont mediation haar waarde: niet door oplossingen op te leggen, maar door het gesprek zo te begeleiden dat partijen zichzelf en elkaar opnieuw kunnen zien.
Mediation als oefening in anders kijken
Effectieve mediation vraagt om een andere manier van waarnemen. Niet: wie heeft gelijk? maar: wat gebeurt hier steeds opnieuw tussen jullie? Die vraag nodigt uit tot verantwoordelijkheid aan beide kanten en tot een verschuiving van strijd naar onderzoek.
Wanneer partijen ervaren dat het conflict niet langer één persoon definieert, maar een gedeelde dynamiek is geworden, ontstaat ruimte voor herstel. En precies daar, in die tussenruimte, kan duurzame verandering ontstaan.